Vier procent Nederlandse jongeren heeft geen opleiding en werkt niet

Uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dat uitgevoerd is in 2017, blijkt 4 procent van de jongeren niet aan het werk te zijn en ook geen opleiding te volgen.  Dit zijn jongeren tussen de 15 en 25 jaar. Een groot gedeelte van deze groep geeft aan ook niet te kunnen of willen werken, dit is 43 procent.

Wat zijn de belangrijkste redenen?
De voornaamste reden dat deze jongeren niet werken en ook geen opleiding volgen blijken gezondheidsproblemen te zijn.  Denk hierbij aan ziekte of arbeidsongeschiktheid. Daarnaast geeft 12 procent van de jongeren aan niet te willen werken doordat ze binnenkort weer een opleiding gaan volgen. 6 procent geeft als reden op dat ze voor het gezin of huishouden moeten zorgen en daardoor geen opleiding volgen of werk hebben. De in- en uitstroom is echter zeer groot. 30 procent heeft na drie maanden weer werk gevonden of  is een opleiding gaan volgen.

Hoe scoort Nederland in vergelijking met andere Europese Landen?
Het percentage jongeren dat niet werkt of geen opleiding heeft is in Nederland, ten aanzien van andere Europese landen, erg laag. Italië scoort hierbij het hoogst, met een percentage van 19,9 procent. In Nederland is dit percentage de afgelopen jaren stabiel gebleven. In Roemenië en Griekenland is dit percentage tussen 2007 en 2016 toegenomen. In Denemarken en België is het aantal niet-werkend en niet-lerend afgenomen.